VVD Eurofractie on-line

Hoe hoog staat ICT op de Brusselse agenda?

Spreekpunten ter gelegenheid van de BTG-themadagen te Nijkerk, 21 mei

2003-05-20 door Elly Plooij- van Gorsel

Dames en heren,

Het is mij een waar genoegen u deze middag toe te spreken over een onderwerp dat mij na aan het hart ligt, namelijk: de voortschrijdende ontwikkeling van de informatiemaatschappij en de rol van de (Europese) politiek daarin.
In de vorige eeuw heeft de opkomst van de informatie- en communicatietechnologie voor een maatschappelijk omwenteling gezorgd, die vergelijkbaar is met de industriële revolutie. En ondanks het uiteenspatten van het internet zeepbel (of wellicht zelfs daardoor) gaat de opmars van de informatiesamenleving gewoon door. Het is duidelijk: technologische turbulentie veroorzaakt maatschappelijke turbulentie. En in mijn visie dienen politici en bestuurders meer dan nu het geval is initiatief te nemen om de nieuwe media en maatschappij dichter bij elkaar te brengen. Wij moeten ervoor zorgen dat onze burgers een zachte landing maken in het digitale speelveld. En dat kan maar op twee manieren:
1. Scholing en training 2. Sturen door voorbeeldgedrag
Als uw vertegenwoordiger in het Europees Parlement wil ik u graag deelgenoot maken van wat de Europese Unie kan, mag doet en wil binnen het speelveld van de informatiemaatschappij.

Eén ding is zeker: dat ICT business is geworden heeft u aan Europa te danken. Dat wij vandaag discussiëren over telecominfrastructuur, nieuwe media en nieuwe diensten, is een direct gevolg van de liberalisering van de Europese telecommunicatiemarkt. En voor de duidelijkheid: de opening van die markt is te danken aan het doorzettingsvermogen van het Europees Parlement, in samenwerking met de Europese Commissie.

Hoe hoog staat ICT op de Brusselse prioriteitenladder? Hoog!
Sheet 1

Op de Europese raad van Lissabon in maart 2000, de zg DotComtop werd het ambitieuze doel vastgesteld om van Europese Unie de meest competitieve, dynamische, kenniseconomie van de wereld te maken met als streefdatum 2010. Mooie woorden, maar nu de daden:

Ik beperk mij tot drie zaken:

Al in Lissabon werd het e-Europe actieplan gepresenteerd, twee jaar later gevolgd door E-Europe 2005 "Een informatiemaatschappij voor iedereen". Dit plan wil een Europa scheppen dat met computers overweg kan, en dat ondersteund wordt door een ondernemerscultuur die bereid is nieuwe ideeën te financieren en te ontwikkelen.
e-Europe formuleert onder andere actieplannen op het gebied van bijvoorbeeld E-overheid, E-onderwijs en E-gezondheid.
In juni 2002 heeft de Europese Raad te Sevilla de Commissie verzocht erop toe te zien dat dit plan voor 2005 volledig is uitgevoerd. Er moet namelijk meer vaart worden gezet achter deze initiatieven en bijbehorende wetgeving, op Europees maar vooral op nationaal niveau. Hiermee kom ik op mijn eerder genoemde punt van "sturen door voorbeeldgedrag". De overheid speelt een centrale rol als "launching customer", aanjager van een nieuwe markt, en in de ontwikkeling van e-governance. Een uitstekend voorbeeld was de belastingdienst die digitaal ging. Leuker kunnen we het niet maken, maar wel goedkoper! Toegankelijkheid van overheidsinformatie is een ander punt.
Wat dat betreft is er hoop, want het kersverse regeerakkoord stelt letterlijk: 'Bij de uitvoering van de rijkstaken zal meer en beter gebruik worden gemaakt van ICT'.

Ten tweede is in januari j.l. het Zesde Kaderprogramma voor onderzoek en technologische ontwikkeling van start gegaan teneinde grensoverschrijdende samenwerking binnen bedrijven en universiteiten te stimuleren. Het Kaderprogramma beschikt over een ICT budget van ruim 3 miljard Euro voor 4 jaar met als doel de concurrentiepositie van Europese bedrijven te verbeteren.


Ten derde: Europa als wetgever.

Naast het bevorderen van de concurrentiepositie van bedrijven in de ICT zie ik voor de Europese Unie een unieke taak weggelegd als wetgever. Dat wil zeggen dat er een helder, transparant en grensoverschrijdend regelgevend kader dient te zijn. Echter alleen daar waar noodzakelijk. De elektronische snelweg is een grensoverschrijdend medium waarbij door lidstaten afzonderlijk gemaakte wetgeving een gepasseerd station is. Regelgeving dient in Europees en liefst in internationaal verband gemaakt te worden. Nationale wetgeving is in het digitale tijdperk achterhaald.

Een heldere, grensoverschrijdend en transparant regelgevingskader is ook voor de nieuwe media noodzakelijk met als doel voltooiing van de interne markt en gelijke en eerlijke concurrentieverhoudingen in de hele Unie. Hoeksteen daarbij is telecommunicatie en wel
1. Een goede en snelle infrastructuur is prioriteit een.
2. Toegang tot nieuwe communicatiemiddelen moet betaalbaar zijn.
Sinds 1 januari 1998 zijn de telecommunicatiemarkten in het grootste deel van de Europese Unie volledig geliberaliseerd. Dat is de bekroning van een groot stuk werk. Het proces van geleidelijke openstelling van de markt heeft tien jaar geduurd, maar het heeft geleid tot een gigantische daling van Telefoontarieven en de razendsnelle opkomst van mobiel

Convergentie van technieken
Een belangrijk punt waar (nationale) beleidsmakers rekening mee moeten houden, is de convergentie van technieken.
Vroeger ging het alleen maar om een telefoonlijntje in de grond. Nu is er sprake van convergerende technieken en communicatienetwerken. Zo kun je op allerlei manieren bellen, via een telefoonverbinding in de grond, via de kabel of door de lucht met je gsm. De techniek is eindeloos. Wetgeving is knap lastig door die grensverleggende mogelijkheden. Vanuit mijn positie als europarlementariër heb ik dan ook hard gewerkt aan een vereenvoudigd, helder, transparant en niet-discriminerend Telecompakket voor alle vormen van elektronische communicatie. Deze gebundelde regels voor alle elektronische communicatienetwerken moeten voor 24 juli worden ingevoerd in de Europese lidstaten. Deze deadline wordt niet gehaald, maar de Tweede Kamer moet wel alles op alles zetten opdat deze regels ook in Nederland tijdig worden ingevoerd. Ook de Mediawet dient te worden geïntegreerd zoals Europa voorschrijft. Pas dan komt er duidelijkheid in de complexe telecomsector.

Wat is er op het gebied van Europese regelgeving?
1. De Kaderrichtlijn: Richtlijn inzake een gemeenschappelijk regelgevingkader voor elektronische communicatienetwerken- en diensten. (2000)
2. Machtigingsrichtlijn: richtlijn betreffende machtiging elektronische communicatienetwerken- en diensten (2000)
3. Radiospectrum: beschikking inzake een regelgevingkader voor het radiospectrumbeleid in de EG (2000)
4. Toegang: richtlijn inzake toegang tot en interconnectie van elektronische communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten (2000)
5. Universele dienstrichtlijn: richtlijn inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische communicatienetwerken- en diensten (2000)
6. Richtlijn betreffende een gemeenschappelijk kader voor elektronische handtekeningen (13 december 1999)
7. Elektronische handel: Richtlijn betreffende bepaalde juridische aspecten van de diensten van de informatiemaatschappij, met name de elektronische handel, in de interne markt, (juni 2000)
8. Duaal gebruik: Verordening (EG) nr. 880/2002 van de Raad van 27 mei 2002 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1334/2000 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer van producten en technologie bestemd voor civiel en militair gebruik (2002) (Encryptietechnologie etc.
9. Auteursrechten: Richtlijn betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (mei 2001)
10.Richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie:
Richtlijn betreffende de verwerking van persoonsgegevens en
de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (juli 2002)
11. Belasting op elektronische diensten: Richtlijn 2002/38/EG van
de Raad van 7 mei 2002 tot wijziging, voor een gedeelte tijdelijk, van Richtlijn 77/388/EEG met betrekking tot de regeling inzake de belasting over de toegevoegde waarde die van toepassing is op bepaalde diensten die langs elektronische weg worden verricht alsook op radio- en televisieomroepdiensten (mei 2002)

Het eerder genoemde Telecompakket bestaat uit de vijf richtlijnen over elektronische communicatie. Dit zijn: de Kaderrichtlijn, de Toegangsrichtlijn, de Universele dienstrichtlijn, de Machtigingsrichtlijn en de Privacyrichtlijn.

Network and Information Security Agency
De kwetsbaarheid van netwerk- en informatiesystemen staat ook hoog op de Europese agenda. Het is gebleken dat Europese bedrijven en burgers zich minder bewust zijn van de gevaren van 'cyberaanvallen' dan hun tegenhangers in de VS. Dit is een grensoverschrijdend probleem, en omdat nationale bevoegdheden ophouden aan de grens moet er een Europese oplossing komen. De Commissie heeft daarom op instigatie van de Raad en het EP het plan gelanceerd een speciaal agentschap op te richten: het Network and Information Security Agency. Dit agentschap heeft tot taak initiatieven voor netwerkveiligheid in de lidstaten aan te moedigen en te coördineren. Verder moet het agentschap ervoor zorgen dat Europese bedrijven zich bewust worden van het probleem. Dit geldt vooral voor kleinere bedrijven want multinationals hebben doorgaans wel activiteiten ter netwerkbeveiliging ontplooid.

Digitale televisie: interoperabiliteit
Ik heb mij in het Europees Parlement sterk gemaakt voor de Multimedia Home Platform-norm (MHP-norm) als dé (enige) norm voor digitale televisie in Europa. Standaardisering bevordert de interoperabiliteit en kan voor een snelle start zorgen van productie van hardware en contentproducten voor interactieve TV. Een enkelvoudige standaard biedt veel zekerheid aan consument en producent, denk immers maar aan het succes van de GSM-standaard. De MHP-norm is door de Digital Video Broadcasting Group (DVB) ontwikkeld en heeft als grote voordeel dat het technologie-neutraal is. Dat betekent dat de consument niet een hele reeks set-top-boxen hoeft aan te schaffen om content (film bijvoorbeeld) op zijn TV of PC te kunnen afspelen. Helaas is bij de totstandkoming van het Telecompakket het opleggen van één norm nog niet gelukt. Desalniettemin blijft het Europees Parlement druk uitoefenen (door middel van b.v. resoluties) op de Europese Commissie en de lidstaten om MHP als standaard in Europa te hanteren. Krachtend de Kaderrichtlijn moet de Commissie een lijst publiceren van normen die geharmoniseerd aanbieden van elektronische communicatiediensten bevordert om interoperabiliteit de waarborgen. De MHP-norm is inmiddels in deze lijst opgenomen.Er zijn dus al enkele stappen gezet naar deze broodnodige gemeenschappelijke norm voor interactieve TV. Desalniettemin ben ik van mening dat er vanuit Europa hardere regelgeving uitgevaardigd kan worden die consumenten meer vertrouwen en producenten meer zekerheid biedt. Een dergelijke maatregel brengt ons dichter bij de Europese informatiemaatschappij voor iedereen.


  Vorige Home