VVD Eurofractie on-line

Wat doet Europa voor het MKB?

Regionaal politiek café Laren, 4 november 2002
met Elly Plooij- van Gorsel (VVD Eurofractie)

Ook in Europa is het MKB de banenmotor. Het is dus belangrijk in Europa voor een goed ondernemersklimaat te zorgen, opdat het MKB kan groeien en bloeien. Dat is de sleutel tot economische groei, concurrentievermogen en werkgelegenheid.

Hoe doet Europa dat?

Op de eerste plaats door invoering van de Euro, één Europese munt betekent een geweldige stimulans en nieuwe kansen voor het MKB. Geen valutarisico's meer, geen wisselkoersverliezen meer. Dat is belangrijk voor onze exporteurs en handelaren.

Op de tweede plaats stimuleert de EU de export van het MKB binnen Europa door de voltooiing van de interne markt. De interne markt betekent een groter afzetgebied, minder concurrentievervalsing. Een markt van 370 miljoen consumenten ligt grenzeloos voor u open.

En de interne markt werkt: ruim 80% van de export van Nederlandse bedrijven gaat naar andere lidstaten van de Unie. Alleen al 80% hiervan gaat naar Duitsland. De overige 20% van de handel gaat naar landen buiten Europa. Ook deze handel is voor Europa van groot belang en wordt door de Europese Unie gestimuleerd. Niet door bescherming of concurrentievervalsende subsidies maar door verbeterde markttoegang en een gerichte opvolging van signalen uit het bedrijfsleven.

Een uitstekend instrument hiertoe is de Market Access Data Base.

Daarin vindt u per land, per sector of per product informatie over de bestaande handelsbarrières en toegestane tarieven. Dergelijke feitenkennis, met een druk op de knop op te vragen, via Internet of per telefoon, is een sterke troef in onderhandelingen.

Bovendien biedt deze site de mogelijkheid onder volledige geheimhouding van de naam van uw bedrijf, uw beklag te doen over handelsbarrières die u in de praktijk tegenkomt. Niet alleen aan de grens, maar ook ter plaatse, daar waar uw product verkocht moet worden.

De Europese Commissie volgt elke klacht op. Op deze manier draagt uw input bij aan het afbreken van bestaande handelsbarrières en het voorkomen van nieuwe. En als u vindt dat uw klacht niet juist of niet op tijd behandeld wordt dan hoor ik dat graag van u, want u heeft niet voor niets uw volksvertegenwoordiger in Europa. Ook daar werkt de VVD namens en voor u.

Om mijn functie goed te kunnen vervullen praat ik regelmatig met bedrijven, groot en klein, en met overkoepelende organisaties, zoals MKB Nederland. Gelukkig weten echter ook individuele ondernemers mij in Den Haag en Brussel te vinden.

Interactie is het sleutelwoord.

Het concurrentievermogen van bedrijven, groot en klein hangt in hoge mate af van hun innoverend vermogen. Innovatie wordt in Europa onder meer bevorderd door de ontwikkeling van Kaderprogramma's voor onderzoek.

Het Kaderprogramma speelt een essentiële rol bij het bundelen van kennis en het samenwerken van Europese onderzoeksinstellingen. Het stimuleert kennisuitwisseling en samenwerking in Europa en dit is naar mijn mening de legitimatie en de belangrijkste toegevoegde waarde van Europese onderzoeksgelden. Een beleid gericht op synergie en samenwerking, zorgt voor een goede wetenschappelijke en technologische infrastructuur zodat innovatie kan bloeien op de akker van onderzoek en technologie. Dat is niet alleen een wens, maar een noodzaak. Europa moet de concurrentie aangaan met de Verenigde Staten en de belangrijke handelsgrootmachten in Azië. Daarvoor is een stevig en stabiel ondernemersklimaat nodig, op de eerste plaats voor het Midden- en Kleinbedrijf.

Van de 17 miljoen ondernemingen in Europa behoort maar liefst 99% tot het Midden- en Kleinbedrijf. In de afgelopen 20 jaar is het MKB met deze cijfers uitgegroeid tot de belangrijkste economische factor.

Namens het Parlement heb ik een rapport geschreven over het deelprogramma MKB en innovatie van destijds het Vijfde Kaderprogramma, dat loopt van 1999 tot 2002. Dit programma moet een bijdrage leveren aan het bevorderen van innovatie en het stimuleren van de deelneming van het MKB aan het Kaderprogramma. Het rapport is een coordinatieinstrument dat dient ter ondersteuning van de vier grote onderzoeksthema's en heeft slechts een beperkt budget van 363 miljoen euro. Het leeuwedeel van het werk zal moeten gebeuren binnen de thematische programma's.

In mijn rapport , dat eind vorig jaar door het Parlement is aanvaard benadruk ik dat maatregelen nodig zijn om de middelgrote en kleinere bedrijven te betrekken in het innovatieproces. Zij vallen te vaak tussen wal en schip, onder meer omdat het MKB binnen de Unie een tweeslachtige positie inneemt. Er zijn veel subsidies, maar voor veel bedrijven is de stap naar Europa te groot. Het gevolg is dat de goedgevulde geldpotten niet altijd worden benut.

Daarom is op initiatief van de liberale fractie minimaal 10% van het onderzoeksgeld binnen de vier grote onderzoeksgebieden (biotechnologie, ICT, produktie en transport, energie en milieu) gereserveerd voor projecten waaraan het Midden- en Kleinbedrijf deelneemt. Dit komt overeen met drie miljard gulden voor vier jaar. Dit is positief voor het Nederlandse MKB want tot nu toe namen 1.100 Nederlandse bedrijven deel aan het Kaderprogramma , waarvan 800 MKB-bedrijven. Daarmee wordt erkend dat steun aan kleinere bedrijven hoge prioriteit heeft om de banengroei in Europa te stimuleren. Tot nu toe kreeg het MKB slechts een bescheiden 5% uit de subsidies voor onderzoek en technologische ontwikkeling.

Ook in het Zesde Kaderprogramma, dat het Vijfde in 2003 opvolgt, wordt speciale aandacht besteed aan het midden- en kleinbedrijf. Het programma stelt gelden beschikbaar voor nieuwe technologieën en behoeften, waarin steun voor het Midden- en Kleinbedrijf wordt apart wordt beklemtoond. Als zodanig is die steun een aanvulling op de activiteiten die plaatsvinden binnen de specifieke programma's. Van het eerste specifieke programma wordt 15% van het totale budget gereserveerd voor het MKB. Er worden mechanismen opgezet die de participatie van kleine- en middelgrote bedrijven in de "networks of excellence" en geïntegreerde projecten. Verder worden er specifieke plannen opgezet voor het MKB, in de vorm van activiteiten met betrekking tot collectief en coöperatief onderzoek. Dit alles is bedoeld om innovatie in het midden- en kleinbedrijf te stimuleren daar waar het zelf niet over de middelen beschikt om onderzoek te verrichten.

Een belangrijk punt dat ik in mijn rapport over MKB en innovatie aan de orde stel is dat ondernemers die informatie wensen over deelname aan het Kaderprogramma of over de regels van de interne markt terecht moeten kunnen bij één enkel informatiepunt. Misschien heeft u wel eens geprobeerd informatie te krijgen bij de Europese Commissie of het Europees Parlement? Dan heeft de ervaring u waarschijnlijk geleerd dat dat geen eenvoudige taak is. Wie de organisatie niet kent loopt het risico niet bij de juiste persoon terecht te komen en van het kastje naar de muur te worden gestuurd. Daarom pleit ik al sinds mijn aantreden in 1994 voor een ombudsman speciaal voor het MKB.
En....., na vijf jaar keer op keer hierop aangedrongen te hebben is er een einde gekomen aan het "rondshoppen" van ondernemers!

Sinds 25 januari 1999 bestaat er een One -Stop - Internet - Shop voor het MKB op de Europa-server van de Europese Unie ( http://europa.eu.int/business ). Deze site verschaft een hele reeks van interessante gegevens voor het MKB. Deze nieuwe website bestaat in de elf officiele talen van de Unie en biedt voor het eerst on-line verbindingen met de 230 Euro-info centra, de informatiecentra voor ondernemingen in de regio's van de EU. Zo kan men on-line vragen stellen die per e-mail beantwoord worden. Daarnaast levert de website ook een kort overzicht van voor ondernemingen relevante Europese beleidsterreinen, evenals inlichtingen omtrent vier gebieden die bovenaan het verzoeklijstje om informatie van het MKB staan, te weten: technische normen, financieringsmogelijkheden, intellectueel eigendomsrecht en overheidsopdrachten. Wat de aanbestedingsprocedures betreft biedt de site gratis toegang tot de TED databank die alle Europese tenders bevat. Ook gegevens over interne markt regels vindt u on-line en de site biedt zelfs toegang tot een gratis vertaaldienst.

Ik kom tot een afsluiting

Nog te vaak wordt er gedacht dat als er maar genoeg onderzoek wordt gedaan, de commerciële toepassing vanzelf wel komt. Het tegendeel is waar. Vele technologieën worden niet met succes op de markt geïntroduceerd. Het is daarom van belang dat Europese bedrijven niet alleen op technologisch gebied maar zeker ook op marketingterreinen beter worden ondersteund dan nu. Commerciële toepassing gebeurt pas als er een goed kader is geschapen. De diverse innovatiecentra in de lidstaten zijn daarbij van belang. Maar gebleken is dat advisering door innovatiecentra nog niet leidt tot meer nieuwe produkten. Kennisoverdracht alleen is daarvoor niet voldoende. De innovatiecentra zorgen er echter wel voor dat meer MKB bedrijven meer onderling gaan samenwerken en aan clustervorming doen. En dit heeft wel innovatie tot gevolg. Een taak van Europa is dan ook de nationale netwerken van kenniscentra met elkaar in verbinding te stellen. Zij kunnen elkaar tot voorbeeld dienen, bijdragen aan Europese clustervorming. Dit leidt tot veel innovaties en kost weinig geld.

Veel kennis en technologie is voorhanden. Het is taak van de Europa een goede kennisinfrastructuur te scheppen. Het is de taak van het bedrijfsleven over de grenzen heen te kijken.
In mijn taak als lid van het Europees Parlement kan ik voor u als ambassadeur fungeren in Europa. Zo kunnen wij samen een bijdrage leveren aan dat kader waarin het Europese bedrijfsleven kan floreren en daarmee aan de economische groei als geheel, het concurrentievermogen en de werkgelegenheid in Europa.

Ik dank u wel.

  Vorige Home